Verhoudingen tussen de EU en Turkije: hoe verder?

In de jaren ’60 van de afgelopen eeuw werd het duidelijk dat Turkije een strijdtoneel was geworden van beide kanten van de “Ijzeren gordijn”. Met name het Cuba-crisis van 1963 gaf Turkije een totaal andere, nieuwe rol in de internationale politiek. Turkije was immers een onderdeel van een op dat moment geheime pact tussen Kennedy en Soviet-leider Nikita Krushtsjev om een nieuwe wereldoorlog tegen te gaan.
Turks.nl Redactie

Het toeval wil dat juist in dat jaar Turkije een overeenkomst had met Europese Economische Gemeenschap (EEG), de voorloper van de huidige Europese Unie. In de tussenperiode zijn er hele belangrijke stappen ondernomen om Turkije dichter bij de Europese grenzen te brengen om diverse redenen. Vijftig jaar na dato is Turkije officieel kandidaat om toe te treden tot de Europese Unie. Er is nog geen datum vastgesteld voor de toetreding maar de onderhandelingen op basis van bepaalde criteria voor deze toetreding (beter bekend als “Kopenhag kriterleri”) zijn nog in volle gang. Ik wil niet ingaan op de soms turbulente politieke verhoudingen tussen Turkije en EEG/EU van afgelopen veertig jaar, maar wil in dit stuk in ieder geval bepleiten dat de toetreding van Turkije tot de Europese Unie een win-win situatie met zich zal meebrengen voor beide partijen.

Het is inmiddels een cliché geworden in de volksmond dat Turkije een brugfunctie heeft in de wereld vanwege haar gunstige geografische ligging. Dit klopt zeker maar de nuances er omheen moeten wel worden uitgelegd: een geografisch gunstige positie brengt veel voordelen met zich mee. Die kunnen zowel politiek als economisch van aard zijn. Gezien het feit dat in de Euraziatische regio Turkije een van de weinige landen is met wat er in de internationale politieke theorieën ” landmass” wordt genoemd is dit zo gek nog niet. Turkije verbindt inderdaad het Oosten met het Westen, maar de essentie hiervan ligt in ieder geval niet alleen in de aardrijkskundige constateringen.

Er zijn op dit moment vele problemen waar de wereld, inclusief de grootmachten mee te kampen hebben: schaarse hulpbronnen zoals gas en olie, economische crisis, klimaatverandering, een steeds beter mobiliserende terreurgroeperingen etc. Het is wel duidelijk dat geen enkel land in staat is om deze problemen zelf op eigen houtje op te lossen omdat de internationale politieke verhoudingen zo nauw met elkaar verbonden zijn. Een recent voorbeeld is het omvallen van een bank in de Verenigde Staten: iets wat duizenden kilometers verderop gebeurde had gevolgen voor de hele wereld. Wat betreft de behoefte aan gas en olie is een samenwerking ook de enige juiste weg om deze kwestie aan te pakken: EU is voor 60 procent afhankelijk van gas uit Rusland, terwijl dit in 2050 waarschijnlijk 80 procent zal zijn. Sterker nog, in de huidige situatie van de Europese Unie zijn er 15 landen (van 28) die voor meer dan 90 procent afhankelijk zijn van gasvoorraden uit Rusland. Europese Unie heeft de afgelopen jaren een beleid ontwikkeld om los te komen van Russische afhankelijkheid omdat we al te vaak hebben gezien dat Rusland in staat is om gaskraan voor Europa dicht te draaien. Turkije is in dit beleid een enorme mogelijkheid voor de EU. Statistieken geven aan dat er veel ongebruikte gasvolumes zijn in de Kaspische regio ( met name Turkmenistan en Azerbeidzjan) die niet kunnen worden geproduceerd, simpelweg omdat beide landen weinig technologie en infrastructuur hebben.

Als de EU haar beleid gaat richten op dit gebied zal het voor Turkije zeer gunstig uitpakken: Turkije is namelijk de enige weg om Kaspische gas en olie naar Europa te vervoeren zonder dat je Rusland er bij betrekt. Met een geschikt beleid en goede strategie kan Turkije hier enorm van profiteren zowel waar het gaat om werkgelegenheid als de “aandeelhouder” van gas en olie, waardoor het land zichzelf kan voorzien in haar energiebehoeftes.  Tevens kan Turkije zich ontwikkelen als een transitland wat op korte en lange termijn meer macht geeft aan het land om met sterke kaarten aan de onderhandelingstafel te zitten. We moeten niet vergeten dat ondanks alle alternatieve bronnen, ondanks het belang van groene en schone energie, de wereld komende eeuw niet weinig maar steeds meer behoefte zal hebben aan olie en gas. Zowel voor Turkije als voor de EU liggen er kansen op dit economisch domein. En dan heb ik het nog niet over de toenemende handelsbetrekkingen tussen beide actoren.

Deze gunstige verhouding beperkt zich niet alleen tot het oplossen van naar mijn mening de grootste conflictbron (olie- en gasvoorraden) maar ook de bestrijding van terrorisme, klimaatverandering etc. Als een NAVO lid kan Turkije namelijk ook een prominente rol krijgen in het oplossen van conflicten in het Midden-Oosten, omdat  het land naast culturele en religieuze affiniteit ook nog grenzen deelt met die regio waar het al jaren onrustig is. Het is geen geheim dat een dominante regionale politiek steeds meer leidt tot een actor in de internationale politiek, en  op dit gebied liggen er veel kansen voor Turkije en ook voor de Europese Unie. Ook in geopolitieke zin betekent een verregaande relatie tussen EU en Turkije een positief gevolg voor de wereldvrede.

In een wereld waarin de landsgrenzen steeds komen te vervallen en er in stijgende mate sprake is van vrij verkeer van personen en goederen, ben ik de visie toegedaan dat het afschaffen van visumverplichtingen tussen beide partijen een hele goede stap zou zijn in het vervolg. Daarbij kan gedacht worden aan religieuze, culturele en menselijke aspecten van betrekkingen tussen Turken en Europeanen. Want het vrij verkeer van personen (visumvrij reizen) houdt ook in dat hun gedachte met ze meereist. Deze interactie zal in mijn ogen verder bijdragen aan tolerantie en wederzijds begrip. Een positieve invloed ervan richt zich op jongeren die bijvoorbeeld in Europa willen studeren, of bijvoorbeeld Nederlanders die hun stage of opleiding graag voortzetten in Turkije, wat de laatste jaren enorm populair is. Daarom denk ik dat steeds nauwere samenwerking tussen beide partijen een goede investering is voor de toekomst.

In dit stukje heb ik wellicht de positieve kanten belicht van het verhaal. Dat is grotendeels waar ook, omdat ik als politicoloog juist de goede intenties waarneem in deze ontwikkeling. Maar natuurlijk zijn er ook heikel punten waardoor de samenwerking en de onderhandelingen moeilijk verlopen.

Internationale politiek is een spel van “kosten en baten” en niet van het populisme. Daarom moeten zowel de Europese als de Turkse beleidsmakers beseffen dat een verdere toenadering in veel opzichten een betere uitkomst is.  De heersende visies dat “Turkije is islamitisch, daarom moeten ze niet bij de EU” of andersom ” EU zal Turkije nooit omarmen als lid” zijn punten waar men nog een keer naar moet kijken. Een sterke Turkije is gunstig voor de EU, en een sterke EU  is gunstig voor Turkije. Als Turkije op den duur toetreedt tot de Europese Unie die nu landen als Frankrijk en Duitsland verenigt ( terwijl ze tot 1945 altijd met elkaar in oorlog waren) zal dat niet alleen voor Turkije en de EU, maar ook voor de internationale wereldpolitiek een belangrijke stap zijn. De vruchten daarvan zullen te rapen zijn voor de nieuwe generaties.