Hier maken Nederlandse investeerders in Turkije zich zorgen over

Turks.nl Redactie

De voorzitter van de Kamer van Koophandel Turkije & Nederland, Ethem Emre, liet weten dat de vraag of er rechtvaardigheid is in Turkije, een punt van discussie is. Dat melden Turkse media.

Volgens Emre moeten er stappen worden gezet om de vooroordelen over Turkije te breken. Turkije heeft een zeer gespannen relatie met Duitsland en Nederland.

Na de Turkijerel kreeg de Nederlandse ambassadeur in Turkije te horen dat hij niet meer welkom was in het land. Na bijna een half jaar is er nog niets veranderd.

Emre laat wel weten dat de politieke spanningen tot nu toe geen effect hebben gehad op de economie, maar dat er inmiddels een emotioneel dieptepunt is bereikt.

Cijfers zeggen niet iets duidelijks over het effect op de economie. De export van Nederland in de eerste 8 maanden is enkel met 1,4% achteruit gegaan.

Nederlandse investeringen in Turkije zijn in de eerste 6 maanden van 2017 verdubbelde ten opzichte van het jaar ervoor. Deze stijging is echter vooral te danken aan de overname van het Turkse Petrol Ofisi door het Nederlandse bedrijf Vitol.

Buiten deze overname is er weinig gebeurd, volgens de voorzitter. Het toerisme werd wel hard geraakt. Het aantal toeristen dat van Nederland naar Turkije reiste is met 20% verlaagd ten opzichte van het jaar ervoor. In 2016 kwamen er al 26% minder Nederlandse toeristen in Turkije.

Rechtvaardigheid

Nederlandse zakenmannen hebben een sterk vooroordeel tegen Turkije volgens Emre. ”Het meest besproken onderwerp in Nederland over Turkije, is of er wél of géén rechtvaardigheid is in Turkije. Een zakenman heeft rechtvaardigheid nodig.

Als hem straks iets overkomt, moet hij naar de Turkse rechtbanken. Hoe moet hij zaken doen in een land waar er geen rechtvaardigheid is? Ik geloof erin dat er rechtvaarigheid is in Turkije, maar de vooroordelen zeggen wat anders”, gaat hij verder.

Tot slot legt Emre nadruk op het feit dat de campagnes van de Turkse overheid om investeerders aan te trekken weinig hebben aangeslagen. Die waren namelijk vooral voor hooggeplaatste bezoeken. De ‘gewone zakenman’ heeft daar niets van meegekregen.